FAQ’s over de opleiding

Wat onderscheidt jullie van andere opleidingen?

We kennen andere opleidingen niet van binnen en van buiten. Wat we wel weten:

  • We hebben geen standaard toelatingseisen. Tijdens de selectie kijken we naast spelervaring ook naar wat iemand geschikt maakt om ‘levend lesmateriaal’ te zijn (en waar).
  • We werken met een karaktertypologie die je in staat stelt snel en effectief rollen uit te vragen en te spelen.
  • Ons cursusgeld is een totaalbedrag voor de lessen, inclusief koffie en thee, waar geen kosten voor dagarrangementen bij komen.
  • Omdat we mensen met heel verschillende achtergronden toelaten, werken we zeer individueel gericht. Je werkt dus steeds aan wat jij persoonlijk te leren hebt, gebruik makend van wat er al is en aanvullend aan wat je nog kunt leren.
  • We hebben gastdocenten en -assessoren die actief zijn in het werkveld en hun eigen expertise meebrengen.
  • Meerdere lessen zijn twee, drie en bij het eindassessment zelfs vier docenten aanwezig om optimaal en in kleinere groepen les te kunnen geven.
  • We hebben in de afgelopen jaren contacten opgebouwd die stageplaatsen bieden, zodat gedurende de opleiding praktijkervaring kan worden opgedaan.

anders

Waarom is bij jullie geen opleiding tot acteur of docent drama vereist als vooropleiding?

Wij vinden dat trainingsacteren een echt vak is en een ander vak dan acteren of drama doceren. Je hebt er wel het vermogen om te spelen voor nodig en dat hebben acteurs en de meeste dramadocenten. Er zijn wel grote verschillen tussen het spelen in theater of voor film en televisie of spelen dat je hebt geleerd om anderen les te kunnen geven,  en het spelen dat je nodig hebt bij trainingsacteren. Zo kan lang niet iedere acteur snel een rol opbouwen, improviseren binnen een organisatiecontext, en moeten ook zij de voor de trainingsacteur specifieke helicopterview aanleren. Of acteurs en dramadocenten de voor het trainingsacteren speficieke vaardigheden in een workshop of training van een aantal dagen kunnen leren is de vraag en zal van elke individuele persoon afhangen.

Wij willen goede mensen opleiden; we leiden niet per se op tot generalisten of ‘de standaard trainingsacteur’. Daarom hebben we geen standaardeisen voor vooropleiding en kijken we per persoon wat we denken dat de mogelijkheden zijn. Loes Wouterson is tot deze aanpak geïnspireerd door  de Toneelschool Arnhem, die het aandurfde mensen met ‘rafelrandjes’ of imperfecties (zoals bijvoorbeeld een fysieke eigenaardigheid of een niet al te doorsnee stem) aan te nemen als deze mensen een andere kwaliteit of authentieke artisticiteit met zich meebrachten, waardoor de school zich kon voorstellen dat er plek was voor deze persoon na de opleiding.
Zo kijken wij als WWLA ook naar de mensen. We hebben ‘van alles’ in huis gehad. Mensen die bijna aan hun pensioen konden beginnen en dolgraag wilden werken en al hun kennis en ervaring die ze in hun werkende leven hadden opgedaan productief wilden maken. Mensen die alleen binnen hun eigen organisatie wilden gaan trainingsacteren. Mensen die uitsluitend in één sector wilden gaan werken. Kortom mensen naar wie we hebben gekeken vanuit hun specifieke mogelijkheden, hun individuele kwaliteiten, achtergrond en ervaring, en met in ons achterhoofd de plek waar ze wilden werken of konden gaan werken.

We kennen ook collega’s uit het acteursvak die stappen zetten op het pad van het trainingsacteren maar eigenlijk het liefst zo snel mogelijk weer een rol hebben in het theater of voor film of tv. Die laatste wens begrijpen we heel goed, tegelijkertijd vinden we het trainingsacteren een te mooi en verantwoordelijk vak om er bij te doen zonder dat je hart er ligt, alleen om geld te verdienen als je even geen werk hebt. We kunnen het niemand verbieden – we zien het alleen liever niet, omdat we mensen in trainingen geëngageerde trainingsacteurs gunnen en vaak genoeg hebben gezien en gehoord wat het voor trainingsdeelnemers betekent als dat niet zo is. Dus als je als theater- of film/tv-acteur ook werk doet als trainingsacteur, gaan we ervan uit dat het trots en prominent op je website en je c.v. prijkt.

De mensen die van onze opleiding komen hebben lang niet allemaal een theaterachtergrond. Het zijn wel  zonder uitzondering de mensen die echt kiezen voor het werken met mensen, werken binnen organisaties, voor toegepast spelen, voor wederkerigheid in het contact en die zich openstellen om te leren en te laten leren. Wij gaan er dan ook vanuit dat deze mensen na de opleiding met trots het vak uitdragen en er met plezier voor uitkomen dat ze werken als trainingsacteur, en dat ze dat in alle zorgvuldigheid doen.

CV2_500X500

Jullie zijn niet verbonden aan een acteursbureau, is dat een nadeel?

We leiden niet voor een specifiek acteursbureau op. Dat betekent dat we breed opleiden, niet alleen volgens de normen van bureau X of Y, maar breed op de markt en de klanten in de markt gericht. Je kunt je na de opleiding bij verschillende bureaus aanmelden en bent erop toegerust je flexibel aan te passen aan wat zij vragen.
Door onze eigen contacten met verschillende acteursbureaus vormen we wel een referentie.

Hoe zit het met werk na de opleiding?

Net als bij de meeste opleidingen, is het belangrijk dat je zelf actief gaat sollicteren. Wij hebben diverse acteursbureaus, voor wie wij zelf werken, contact. Dat betekent dat deze bureaus weten door wie je bent opgeleid. Ook hebben we gastdocenten die hun wortels hebben in de praktijk, zoals Jeanne Bakker, trainer en eigenaar van Jeanne Bakker, Learning & Development, en Paul Devilee, directeur van Acteursbureau Kapok.
Ook de stagemogelijkheden die worden aangeboden, dragen bij aan je c.v. en netwerk.

Kun je tijdens de opleiding al gaan werken?

We raden zeer aan zoveel mogelijk ervaring op te doen. Als dat tijdens de opleiding al kan, dan is dat fantastisch. Om dit proces te ondersteunen creëren we waar dat kan stagemogelijkheden. Op dit moment hebben we verschillende soorten stageplekken in het onderwijs en de uitzendbranche.

Is 20 opleidingsdagen niet te lang?

Om het vak van trainingsacteur, acteur in het bedrijfsleven, te leren, vinden wij twintig opleidingsdagen een intensief, compact aanbod, waarmee je een jaar of twee ‘het zelf proberen te leren in de praktijk’ (met het afbreukrisico dat erbij hoort) als het ware inhaalt. De voedende en ondersteunende karaktertypologie die we je aanleren, kan gedurende die periode goed inslijten. De hoeveelheid lesdagen maakt het mogelijk je bekend te maken met de belangrijkste modellen en technieken binnen het vak van trainingsacteur en je spelvaardigheden goed te leren gebruiken voor trainingssituaties.

bc_de_boomsspijker

Waarom werken jullie in De Boomsspijker?

De Boomsspijker is een buurthuis waarin zeer veel uiteenlopende activiteiten plaatsvinden. Van creatieve workshops tot kinderopvang, van bloedprikken tot taalles. Zoals veel instellingen met een sociale functie, staat het voortbestaan van De Boomsspijker regelmatig onder druk van bezuinigingsoperaties. Wij dragen door het huren van de ruimte in De Boomsspijker graag ons steentje bij aan de inkomsten van dit voor de buurt zo pand en de mensen die er met veel betrokkenheid werken.

 

 

Share Button